In januari 2014 is het bevolkingsonderzoek naar darmkanker landelijk uitgerold. Drs. Wolfert Spijker, manager bevolkingsonderzoeken bij Bevolkingsonderzoek Nederland, is vanaf het begin bij de darmkankerscreening betrokken geweest. Hij en collega Brigitta De Groen, programmamanager darmkanker en recenter betrokken bij de screening, kijken terug op de afgelopen tien jaar. “We zien nu al een duidelijke afname van de incidentie van en sterfte aan darmkanker in Nederland.”
Een belangrijke reden om te starten met een bevolkingsonderzoek naar darmkanker was het feit dat de incidentie van darmkanker in Nederland al een aantal jaar aan het stijgen was, legt Wolfert Spijker uit. “In 2004-2005 zijn de eerste proefbevolkingsonderzoeken uitgevoerd. Deze leidden uiteindelijk tot een positief advies van de Gezondheidsraad, waarin zij aangaf dat darmkankerscreening een behoorlijke gezondheidswinst zou kunnen opleveren.” Vanaf 2014 werd het bevolkingsonderzoek darmkanker landelijk gefaseerd uitgerold. Sinds 2019 krijgen jaarlijks zo’n 2,2 miljoen Nederlanders tussen 55 en 75 jaar een uitnodiging om een ontlastingstest te doen.
4% darmkanker
Het belangrijkste doel van dit bevolkingsonderzoek is de voorstadia van darmkanker zo vroeg mogelijk te ontdekken. Dit kan, net als recentelijk ook voor het bevolkingsonderzoek naar baarmoederhalskanker mogelijk is gemaakt, vrij eenvoudig met een zelfafnametest. Voor de darmkankerscreening is dit de fecale immunochemische test (FIT), die kijkt naar bloed in de ontlasting. Brigitta De Groen: “Als de FIT positief is, hoeft dit nog niet te betekenen dat er (een voorstadium van) darmkanker aanwezig is. Daarom volgt een uitnodiging voor een coloscopie. Mochten dan gevorderde adenomen gezien worden, dan kunnen die vrij eenvoudig verwijderd worden, voor ze zich tot darmkanker kunnen ontwikkelen.”
Uit de cijfers van de afgelopen tien jaar blijkt dat ongeveer 5% van de mensen die deelnemen aan het bevolkingsonderzoek een ongunstige uitslag van de ontlastingstest heeft. “En van de mensen die daarna een coloscopie ondergaan, blijkt uiteindelijk 25 tot 30% een gevorderd adenoom te hebben en ongeveer 4% daadwerkelijk darmkanker”, aldus De Groen.1
Afname incidentie
Of een bevolkingsonderzoek succesvol is, moet blijken uit afnemende incidentiecijfers. “Voor darmkanker zien we inderdaad dat de incidentie de afgelopen jaren een dalende trend laat zien, evenals de sterfte aan darmkanker”, zegt Spijker. “De bevinding dat we bij veel mensen die een coloscopie ondergaan poliepen verwijderen, deed al vermoeden dat we op de goede weg zijn. Maar dat we nu ook de overlevingscurves duidelijk zien afbuigen, in deze relatief korte periode van tien jaar, is een belangrijk resultaat.”
Ten opzichte van 2013 is de mortaliteit als gevolg van darmkanker in 2021 voor de groep van 55 jaar en ouder met een kleine 25% afgenomen, voegt De Groen toe.1 “Dit komt niet alleen door het bevolkingsonderzoek, ook technologische ontwikkelingen en verbeteringen in de behandeling hebben hieraan bijgedragen.”
Daling deelnamepercentage
Wat zijn, naast de afnemende incidentie en sterfte, andere belangrijke trends na tien jaar bevolkingsonderzoek naar darmkanker? Spijker: “We zien dat het deelnamepercentage de afgelopen periode iets gedaald is. Op dit moment doet ongeveer 68% van de mensen die een uitnodiging krijgen mee, dit lag op het hoogtepunt rond 73%.” De daling is het duidelijkst in de groep mensen die voor het eerst voor het bevolkingsonderzoek uitgenodigd worden, legt hij verder uit. “De groep die al eerder heeft deelgenomen is over het algemeen redelijk trouw in het doen van de herhaal-ontlastingstest.”
Een duidelijke verklaring voor de daling in deelnamecijfers is er volgens Spijker en De Groen niet. Spijker: “We zien een dergelijke trend eigenlijk bij alle bevolkingsonderzoeken. Wellicht heeft het te maken met een afgenomen vertrouwen in overheidsprogramma’s, of het feit dat mensen minder belang zien in bevolkingsonderzoek.”
De daling in deelnamecijfers is volgens Spijker en De Groen wel een belangrijk aandachtspunt. “Deelname is uiteraard vrijwillig en mensen maken hierin hun eigen afweging. Maar we willen proberen eventuele drempels zoveel mogelijk weg te nemen en de toegankelijkheid tot het bevolkingsonderzoek te maximaliseren”, aldus Spijker.
Betere kwaliteit darmkankerzorg
Verder blijkt dat de kwaliteit van de darmkankerzorg in het algemeen een positieve ontwikkeling heeft doorgemaakt door het bevolkingsonderzoek, vertelt De Groen. “Bij het uitrollen van het bevolkingsonderzoek hebben we aanvullende kwaliteitseisen gesteld aan de endoscopisten die het onderzoek wilden gaan uitvoeren. Zij moesten gecertificeerd zijn en gegevens registreren die teruggekoppeld worden voor kwaliteits- en monitoringsdoeleinden. Dit gaf in eerste instantie wat weerstand. Maar het is belangrijk te realiseren dat we voor het bevolkingsonderzoek een bijzondere doelgroep benaderen: de gezonde persoon. Mensen die na een positieve FIT in een coloscopiecentrum terechtkomen, hebben nog geen zorgverlener gezien. Maar juist door deze strakke eisen is de kwaliteit van de hele MDL-zorg verbeterd. Dat is erg mooi om te zien en daar zijn wij, maar ook het MDL-veld, erg blij mee.”
Opvangdevice
Grote veranderingen heeft het bevolkingsonderzoek naar darmkanker in de afgelopen tien jaar eigenlijk niet gekend. Uit een recente evaluatie van de Gezondheidsraad bleek ook dat het bevolkingsonderzoek zo goed loopt. Spijker: “Dat geeft voor mij wel aan dat het indertijd goed bedacht en uitgevoerd is.” Maar dat betekent niet dat ze bij Bevolkingsonderzoek Nederland stilzitten. De Groen: “De afgelopen jaren zijn we bezig geweest met verbeteringen om deelname eenvoudiger te maken. Er is een website ontwikkeld waar mensen voorgelicht worden over het waarom van het bevolkingsonderzoek en wat deelname precies inhoudt. Zo kunnen zij een goed geïnformeerde beslissing nemen om wel of niet mee te doen. Daarnaast is er ook gewerkt aan een webportal waar deelnemers informatie over hun deelname kunnen terugvinden.”
Daarnaast zijn er ontwikkelingen op het gebied van de test zelf. “In veel Nederlandse toiletten glijdt de ontlasting meteen het water in, terwijl die voor de zelfafnametest opgevangen moet worden zonder dat er water bij komt. We gaan nu dan ook onderzoeken of we een opvangdevice aan de zelftest kunnen toevoegen.” In onderzoeksverband wordt ook gekeken of risicostratificatie tot de mogelijkheden behoort, waarbij bijvoorbeeld mensen met een hoger risico vaker dan eenmaal in de twee jaar uitgenodigd worden en mensen met een lager risico minder vaak.
Mooie samenwerking
Zowel Spijker als De Groen kijkt positief terug op de afgelopen tien jaar. Spijker: “Het is een schoolvoorbeeld van een bevolkingsonderzoek: zorgvuldig voorbereid, gefaseerd uitgerold en met de resultaten waar we op hoopten. En de basis wordt gevormd door een uitgebreid ict-systeem waardoor we de gegevens goed kunnen evalueren.” Zij benadrukken tot slot: “Het is een heel mooie samenwerking geweest tussen alle veldpartijen, Bevolkingsonderzoek Nederland en het RIVM. Zonder de MDL-artsen, coloscopiecentra, screenings- en pathologielaboratoria waren we nergens. We hebben het echt met elkaar gedaan. En vanaf het begin was er een drive: dit is belangrijk, hier kunnen we echt een slag slaan in gezondheidswinst. Dat laat zich nu terugzien in de cijfers.”
Referentie
1. Landelijke monitor bevolkingsonderzoek darmkanker 2022; uitgave oktober 2023. Te raadplegen via www.rivm.nl/documenten/landelijke-monitor-bevolkingsonderzoek-darmkanker-2022
Drs. Bianca Hagenaars, wetenschapsjournalist
Oncologie Up-to-date 2024 vol 15 nummer 3