De finale analyse van de SOC-1-studie laat, na correctie voor cross-over, een langere algehele overleving zien met cytoreductieve chirurgie bij patiënten met platinagevoelig, gerecidiveerd ovariumcarcinoom. De resultaten die dr. Rongyu Zang (Shanghai, China) presenteerde tijdens de 2024 ASCO Annual Meeting werden gelijktijdig gepubliceerd in Nature Medicine.
Bij patiënten met platinagevoelig, gerecidiveerd ovariumcarcinoom wordt cytoreductieve chirurgie voorafgaand aan de volgende behandellijn breed toegepast, maar eerdere studies laten conflicterende resultaten zien ten aanzien van het overlevingsvoordeel.1,2 De interimanalyse van de gerandomiseerde fase 3-SOC-1-studie, uitgevoerd in vier Chinese centra, toonde een significant voordeel op de progressievrije overleving (PFS; HR 0,58; p<0,0001).3 Rongyu Zang presenteerde nu de resultaten van de finale analyse van de algehele overleving (OS) bij een mediane follow-up van 82,5 maanden.
SOC-1
In de SOC-1-studie werden 357 patiënten geïncludeerd met een eerste recidief van platinagevoelig ovariumcarcinoom, met resectabele ziekte en een platinavrij interval van ten minste zes maanden. De patiënten werden 1:1 gerandomiseerd tussen wel of geen chirurgie, en vervolgens behandeld met taxol of docetaxel/carboplatine. Na de tweedelijnsbehandeling was cross-over naar chirurgie toegestaan. De coprimaire uitkomstmaten waren de PFS, die bij de interimanalyse werd behaald, en OS.4,5
Verschil na correctie
De mediane OS in de intention-to-treat-populatie was 58,1 maanden in de chirurgie-arm vergeleken met 52,1 maanden in de controlearm, een niet statistisch significant verschil (HR 0,80; 95% BI 0,61-1,05; p=0,11). “35% van de patiënten in de controlearm onderging chirurgie na cross-over”, merkte Zang op. Na correctie voor cross-over was wel een significant verschil in OS zichtbaar: mediaan 58,1 versus 49,5 maanden (HR 0,76; 95% BI 0,58-0,99).
De behandelingsvrije overleving, een van de secundaire uitkomstmaten, was na zestig maanden 13,2% in de chirurgie-arm versus 2,9% in de controlearm. Een vooraf gespecificeerde subgroepanalyse laat zien dat patiënten met recidieven op minder dan twintig plaatsen meer profijt hebben van chirurgie dan patiënten met recidieven op twintig of meer plaatsen. Bij patiënten met recidieven op minder dan twintig plaatsen was de HR voor overlijden 0,69 (95% BI 0,46-1,03) in de chirurgie-arm ten opzichte van de controlearm, versus een HR 0,89 (95% BI 0,61-1,28) voor patiënten met meer recidieven.
Wanneer het centrum met het hoogste cross-overpercentage werd weggelaten, in een eveneens vooraf gespecificeerde subgroepanalyse, was de mediane OS 66,6 maanden in de chirurgie-arm versus 45,6 maanden in de controlearm, een verschil van 21 maanden (HR 0,65; 95% BI 0,47-0,89).
“Deze bevindingen zijn waarschijnlijk klinisch relevant en ondersteunen de effectiviteit van chirurgie in gespecialiseerde centra en geselecteerde patiënten”, concludeerde Zang.
Referenties
1. Harter P, et al. N Engl J Med 2021;385:2123-31.
2. Coleman RL, et al. N Engl J Med 2019;381:1929-39.
3. Shi T, et al. Lancet Oncol 2021;22:439-49.
4. Zang R, et al. J Clin Oncol 2024;42(suppl 16): abstr 5520.
5. Jiang R, et al. Nat Med 2024 Jun 1. doi: 10.1038/s41591-024-02981-0. Online ahead of print.
Dr. Astrid Danen, wetenschapsjournalist
Congres Up-to-date 2024 vol 9 nummer 2
Commentaar dr. Judith Kroep, internist-oncoloog, Leids Universitair Medisch Centrum, Leiden
In Chicago werden tijdens de 2024 ASCO Annual Meeting verschillende studies besproken naar nieuwe behandelingen bij patiënten met gynaecologische tumoren. Bijvoorbeeld van de CARACO-studie, waarin de toegevoegde waarde wordt onderzocht van retroperitoneale lymfadenectomie (RPL) bij patiënten met gevorderd epitheliaal ovariumcarcinoom zonder verdachte retroperitoneale lymfeklieren die worden behandeld met interval debulking chirurgie na neoadjuvante chemotherapie. De resultaten van deze studie lieten zien dat de toevoeging van RPL aan cytoreductieve chirurgie niet geassocieerd was met een betere algehele en progressievrije overleving (OS en PFS), maar wel met een toename van de postoperatieve morbiditeit.1 Deze resultaten versterken die van de LION-studie, waaruit bleek dat bij patiënten met gevorderd ovariumcarcinoom zonder verdachte lymfeklieren primaire chirurgie plus RPL vergeleken met primaire chirurgie zonder RPL geassocieerd was met een vergelijkbare OS en PFS.2 RPL heeft dus geen meerwaarde bij patiënten met gevorderd ovariumcarcinoom die met primaire of interval debulking chirurgie behandeld worden.
In de gerandomiseerde fase 3-SOC-1-studie werd bij patiënten met gerecidiveerd, platinagevoelig ovariumcarcinoom de uitkomst bepaald van secundaire cytoreductieve chirurgie gevolgd door chemotherapie versus chemotherapie alleen. Uit eerdere resultaten van deze studie bleek dat de toevoeging van chirurgie aan chemotherapie geassocieerd was met een significant betere PFS, wat samen met de OS een primaire uitkomstmaat was.3 De huidige resultaten betroffen de eindanalyse van de OS. Daaruit bleek dat na een mediane follow-up van 82,5 maanden chirurgie plus chemotherapie vergeleken met chemotherapie alleen niet geassocieerd was met een significant betere OS in de intention-to-treat-populatie (HR 0,80; 95% BI 0,61-1,05; p=0,11).4,5 Na correctie voor de 35% cross-over van de controlearm naar de chirurgie-arm werd echter wel een OS-verschil geconstateerd: mediaan 58,1 maanden in de chirurgie-arm versus 49,5 maanden in de controlearm (HR 0,76; 95% BI 0,58-0,99). Bovendien was de behandelingsvrije overleving na zestig maanden 13,2% in de chirurgie-arm versus 2,9% in de controlearm. Deze resultaten suggereren dat een secundaire debulking door chirurgie, eventueel ook later in het beloop, een interessante optie kan zijn bij patiënten met gerecidiveerd, platinagevoelig ovariumcarcinoom.
Referenties
1. Classe JM, et al. J Clin Oncol 2024;42(suppl_17): abstr LBA5505.
2. Harter P, et al. N Engl J Med 2019;380:822-32.
3. Shi T, et al. Lancet Oncol 2021;22:439-49.
4. Zang R, et al. J Clin Oncol 2024;42(suppl 16): abstr 5520.
5. Jiang R, et al. Nat Med 2024 Jun 1. doi: 10.1038/s41591-024-02981-0. Online ahead of print.
In een podcast met prof. dr. ir. Koos van der Hoeven bespreekt dr. Judith Kroep naast bovenstaande studies onder andere de resultaten van een fase 2-studie naar neoadjuvante combinatiebehandeling met de PD-1-remmer sintilimab, paclitaxel en cisplatine bij patiënten met nieuw-gediagnosticeerd, lokaal gevorderd cervixcarcinoom. Daarnaast is er onder meer aandacht voor een fase 2-studie naar durvalumab plus HPV-vaccinatie bij cervixcarcinoom en voor de AXLerate-OC-studie naar de uitkomst van de AXL-remmer batiraxcept plus paclitaxel bij patiënten met platinaresistent ovariumcarcinoom. Deze podcast is te beluisteren op oncologie.nu/podcasts